Wat als je je zorgen maakt over een medewerker. Mag je daar als werkgever dan naar vragen? Bijvoorbeeld bij overgewicht. Is dat verboden terrein, ook wanneer het uit oprechte zorg komt?
Bij ons thuis staat de thermostaat op 19 graden. Tenminste, dat denk ik. Want de thermostaat is één van die apparaten waarvan iedereen in huis kennelijk vindt dat hij of zij zelfstandig bevoegd is om het beleid aan te passen.
Ik zet hem op 19. Iemand heeft het koud en maakt er 21 van. Ik loop langs, constateer dat we blijkbaar bezig zijn een subtropisch zwemparadijs te financieren en zet hem terug naar 19. Vervolgens komt iemand thuis die vindt dat 19 graden "echt niet normaal" is.
21.
20.
20,5.
19.
Het mooie is dat iedereen hetzelfde argument gebruikt: "Ik wil gewoon dat het hier prettig is." En iedereen bedoelt het oprecht. We verschillen alleen nogal van mening over wie bepaalt wat prettig is.
Daar moest ik aan denken bij een discussie die afgelopen week op LinkedIn naar aanleiding van een post van Danielle Jiskoot ontstond over werkgevers die zich bemoeien met de leefstijl van medewerkers. In dit geval ging het over gewicht. Mag je als werkgever tegen een medewerker zeggen dat een paar kilo minder misschien verstandig zou zijn?
De reacties waren ongeveer net zo eensgezind als bij ons thuis over de thermostaat. Aan de ene kant:
Absoluut niet. Mijn lichaam, mijn privéleven, mijn zaak.
Aan de andere kant:
Natuurlijk wel. Een goede werkgever is toch betrokken bij de gezondheid van zijn mensen?
En ik begrijp eigenlijk beide kanten. Want natuurlijk heeft een werkgever niets te vertellen over hoeveel bitterballen ik zaterdagavond eet, of ik drie keer per week naar de sportschool ga en of ik 's avonds op de bank een zak chips leegtrek.
Voor wie het wil weten: paprikachips zijn mijn favoriet. Mijn illusie van groentechips ?
Maar ik vind de tegenovergestelde gedachte minstens zo ongemakkelijk. Dat zodra iets privé is, een leidinggevende er dus ook maar niets meer mee te maken zou moeten hebben. Want zo werkt een mens natuurlijk niet.
We hangen 's ochtends niet onze privésituatie aan de kapstok naast onze jas om vervolgens acht uur lang uitsluitend werknemer te zijn. Wie slecht slaapt, neemt zijn vermoeidheid mee. Wie thuis mantelzorgt, neemt soms zorgen mee. Wie verliefd is, neemt meestal opvallend veel energie mee. Wie midden in een scheiding zit, kan niet altijd voorkomen dat zijn hoofd tijdens een vergadering even ergens anders is. En ja, ook hoe we eten, bewegen en leven kan invloed hebben op hoe we ons voelen en functioneren.
Privé en werk zijn geen twee hermetisch afgesloten werelden. Er zit niet eens een deur tussen. Toch maken we in organisaties een merkwaardige beweging. We willen dat leidinggevenden mensgericht zijn. Ze moeten medewerkers écht zien. Oprechte belangstelling tonen. Signaleren wanneer iemand niet lekker in zijn vel zit. Verzuim voorkomen. Aandacht hebben voor mentale gezondheid. Werk en privé in balans houden.”
We verplichten werkgevers het loon door te betalen van een zieke medewerker. Zelfs als de oorzaak in de privésfeer ligt.
En tegelijkertijd vertellen we diezelfde werkgever en leidinggevende: Maar pas op dat je je nergens mee bemoeit. Dat is best ingewikkeld leiderschap. Want waar eindigt belangstelling en begint bemoeizucht? Volgens mij niet bij het onderwerp, maar bij de relatie.
Mijn buurman kan best gelijk hebben als hij vindt dat ik vijf kilo zou moeten afvallen. Toch zou ik het merkwaardig vinden wanneer hij mij morgenochtend bij de kliko opwacht met een voedingsschema. Niet omdat hij per definitie ongelijk heeft, of omdat ik het niet wil horen. Maar omdat onze relatie hem die ruimte niet geeft.
En precies daar gaat het op het werk volgens mij vaak mis. We zoeken regels voor gesprekken die eigenlijk afhankelijk zijn van vertrouwen. Een leidinggevende kan iedere twee weken keurig een één-op-één in de agenda hebben staan en tóch geen relatie hebben waarin een medewerker iets persoonlijks wil bespreken.
Terwijl een andere leidinggevende misschien één vraag stelt die op papier behoorlijk privé lijkt: "Ik heb het gevoel dat je de laatste tijd niet helemaal jezelf bent. Klopt dat?" En precies de goede snaar raakt. Het verschil zit niet alleen in de woorden. Het zit in alles wat eraan voorafging.
Heb je eerder belangstelling getoond toen er niets aan de hand was? Luister je zonder onmiddellijk een oplossing aan te dragen? Mag iemand ook zeggen: "Daar wil ik het niet over hebben? Kun je betrokken zijn zonder een norm op te leggen?
En misschien de belangrijkste:
Vraag je iets omdat je oprecht geïnteresseerd bent in die persoon, of omdat je wilt dat die persoon beter in jouw organisatieplaatje past?
Dat laatste is essentieel voor werkbeleving. Want autonomie gaat niet alleen over zelf je agenda kunnen indelen of bepalen hoe je een klus uitvoert. Het gaat ook over de ervaring dat jij nog steeds eigenaar bent van jezelf.
Een werkgever mag een omgeving creëren waarin gezond eten makkelijk is. Bewegen wordt gestimuleerd. Hulp beschikbaar is. Werkdruk serieus wordt genomen. En mensen zich veilig genoeg voelen om te vertellen dat het even niet goed gaat. Sterker nog: ik vind dat goed werkgeverschap.
Maar er zit een wereld van verschil tussen: "Wat heb jij nodig?" en: "Ik weet wat goed voor jou is."
Misschien is dat wel de grens waar we naar zoeken. Niet tussen werk en privé. Maar tussen zorg en regie.
Je mag als werkgever best betrokken zijn bij de mens die iedere ochtend binnenkomt. Je mag iets signaleren en je mag vragen stellen. Je mag hulp aanbieden, en soms mag je misschien zelfs iets benoemen wat ongemakkelijk is. Maar betrokkenheid geeft je nog geen eigenaarschap over het leven van een ander. Net zoals ik thuis best mag zeggen dat ik het warm heb. Alleen geeft mij dat nog niet automatisch het alleenrecht op de thermostaat.
Dus als jij als leidinggevende morgen iets ziet bij een medewerker waarover je je oprecht zorgen maakt, stel jezelf dan vóór je het gesprek aangaat één vraag:
Hebben wij een relatie waarin ik dit kan vragen, of vind ik vooral dat mijn goede bedoeling mij het recht geeft om het te zeggen?